
Dat blijkt uit de Flitspeiling burgers over netcongestie, die onderzoeksbureau Ipsos I&O heeft uitgevoerd in opdracht van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat. Aan het onderzoek deden 2.266 Nederlanders van 18 jaar en ouder mee.
Term netcongestie steeds bekender
De bekendheid met het volle stroomnet is sterk gegroeid. 66 procent van de Nederlanders heeft van de term netcongestie gehoord, tegenover 49 procent bij de vorige meting in januari vorig jaar.
In een peiling uit begin 2024 had juist 72 procent nog nooit van de term gehoord, nu geldt dat voor slechts 34 procent. Met de drukte op het stroomnet zelf is 95 procent goed of een beetje bekend. Ook weet 84 procent dat het stroomverbruik piekt tussen 16.00 en 21.00 uur.
Groot landelijk probleem
79 procent van de ondervraagden noemt de drukte op het stroomnet een groot of zeer groot probleem voor Nederland. Vorig jaar was dat slechts 48 procent. De gevolgen zijn eveneens beter bekend. 83 procent weet dat nieuwe woonwijken soms niet kunnen worden aangesloten en een even grote groep kent de langere wachttijden voor een nieuwe of zwaardere aansluiting.
Die wachttijden zijn geen theorie: netbeheerder Liander telde in juni 7.300 huishoudens en kleinzakelijke klanten op de wachtlijst voor een stroomaansluiting. Verder weet 70 procent dat de stroom tijdelijk kan uitvallen en 65 procent dat bedrijven niet kunnen verduurzamen omdat zij geen zwaardere aansluiting krijgen.
Thuis weinig merkbaar
Persoonlijk ervaren de meeste Nederlanders weinig hinder. 55 procent van de ondervraagde consumenten merkt weinig of niets van de drukte op het stroomnet en 6 procent merkt er in grote of zeer grote mate iets van. 17 procent ziet het als groot probleem voor zichzelf, vrijwel evenveel als in 2025.
Wel maakt 33 procent zich grote zorgen, waar dat eerder 26 procent was. Wie hinder ervaart, noemt vooral het uitblijven van een nieuwe of zwaardere aansluiting. ‘Ik woon in de provincie Utrecht en moet jaren wachten op een 3-fase aansluiting’, schrijft een van de respondenten.
Bereidheid groeit door
85 procent van de Nederlanders is bereid zelf bij te dragen aan het verminderen van de drukte, tegenover 75 procent vorig jaar. 66 procent doet dat alleen als het niet te veel tijd, geld of moeite kost. 19 procent is ook bereid als het wel veel vraagt, waar dat eerder 11 procent was. 8 procent wil zeker niet bijdragen.
Opvallend is de steun voor ingrepen in de eigen wijk: 72 procent accepteert dat er extra transformatorhuisjes komen en dat de straat daarvoor wordt opengebroken. In 2025 lag de acceptatie met 56 procent een stuk lager. Nederlanders leggen de verantwoordelijkheid wel vaker bij bedrijven dan bij burgers. 84 procent vindt dat bedrijven moeten bijdragen aan het verminderen van de drukte en 72 procent vindt dat van burgers.
Nut weegt zwaarst
De onderzoekers gingen ook na welke factoren samenhangen met de bereidheid om bij te dragen. Die blijkt het sterkst bij mensen die mogelijkheden zien om iets te doen en die geloven dat hun bijdrage nuttig is. 64 procent zegt die mogelijkheden te hebben en 73 procent vindt een eigen bijdrage nuttig. Of iemand de netcongestie als persoonlijk probleem ervaart, maakt vrijwel geen verschil.
Ipsos I&O plaatst wel een kanttekening bij de vergelijking met 2025. De nieuwe meting is uitgevoerd in het eigen I&O Research Panel, terwijl voor de vorige meting onder 1.000 Nederlanders een ander panel is gebruikt. Ook is de vragenlijst aangepast. Verschillen zijn volgens het bureau daarom niet uitsluitend toe te schrijven aan veranderingen in de publieke opinie.
Maak Solar & Storage Magazine jouw voorkeursbron in Google
Met een nieuwe functie van Google bepaal je zelf welke bronnen je als eerste ziet wanneer je zoekt naar nieuws. Volg ons en mis nooit meer het laatste nieuws over zonne-energie en energieopslag.
De juni 2026-editie van het tijdschrift Solar & Storage Magazine is uit. Dit nummer staat in het teken van de beurs Sustainable Solutions Kortrijk, het naderende einde van de salderingsregeling en thuisbatterijen.