
Het Nederlandse batterij-ecosysteem heeft sterke componenten: kennisinstellingen die vooroplopen in materiaalontwikkeling, een hightech maakindustrie die productieapparatuur bouwt en bedrijven als VDL en ELEO die batterijpakketten assembleren. Maar één schakel ontbreekt: eigen productie van batterijcellen op industriële schaal. De vernieuwde Nationale Actieagenda Batterijsystemen identificeert dat als strategisch knelpunt en benoemt een flexibele celproductiefaciliteit van circa 1 gigawattuur per jaar als noodzakelijke stap. De actieagenda formuleert als moonshot dat Nederland in 2030 beschikt over een operationele celassemblagefaciliteit van die omvang.
Geen kopie van China
Hier wijkt de Nederlandse aanpak bewust af. Een productiefaciliteit van 1 gigawattuur per jaar is klein naast de gigafabrieken van Chinese of Europese massaproducenten, maar dat is precies het punt. De concurrentiekracht ligt volgens het Battery Competence Cluster NL (BCC-NL) – dat samen met 9 ministeries aan de actieagenda werkte – niet in de laagste productiekosten per kilowattuur, maar in flexibiliteit: snel schakelen tussen materiaaltypes, celontwerpen en toepassingen. Door te focussen op de assemblage van batterijcellen blijft de benodigde investering bovendien beperkt tot ongeveer een kwart van die voor een volledig geïntegreerde batterijfabriek, aldus de actieagenda.
De productiefaciliteit is volgens de opstellers van de agenda bij uitstek geschikt voor markten waar specifieke prestatie-eisen zwaarder wegen dan prijs. De actieagenda noemt defensie, luchtvaart, drones, maritieme toepassingen en zwaar transport.
Defensie als vliegwiel
Defensie krijgt in de agenda een belangrijke aanjagende rol bij Nederlandse dual-use batterijtechnologie. Defensietoepassingen stellen hoge eisen aan betrouwbaarheid, veiligheid, energiedichtheid en leveringszekerheid, en hebben belang bij onafhankelijkheid van leveranciers buiten het NAVO-gebied.
De vraag vanuit defensie en civiele toepassingen samen kan helpen om de nieuwe productiecapaciteit naar de markt te brengen. Dat model is uitgewerkt in het BatCelFab-project, dat voortkomt uit het Wennink-rapport over toekomstig verdienvermogen van Nederland.
Locatie en financiering open
Wie de fabriek bouwt, waar die komt en hoe die wordt gefinancierd, staat nog niet vast. De actieagenda is een visiedocument; het uitvoeringsprogramma dat na de lancering volgt, moet die vragen beantwoorden.
Bestaande faciliteiten als OBIC, Holst Centre en de Battery Test Centre-voorzieningen van TNO moeten aansluiten op de nieuwe productiefaciliteit.
Het Nederlandse batterij-ecosysteem heeft sterke componenten: kennisinstellingen die vooroplopen in materiaalontwikkeling, een hightech maakindustrie die productieapparatuur bouwt en bedrijven als VDL en ELEO die batterijpakketten assembleren. Maar één schakel ontbreekt: eigen productie van batterijcellen op industriële schaal. De vernieuwde Nationale Actieagenda Batterijsystemen identificeert dat als strategisch knelpunt en benoemt een flexibele celproductiefaciliteit van circa 1 gigawattuur per jaar als noodzakelijke stap. De actieagenda formuleert als moonshot dat Nederland in 2030 beschikt over een operationele celassemblagefaciliteit van die omvang.
Geen kopie van China
Hier wijkt de Nederlandse aanpak bewust af. Een productiefaciliteit van 1 gigawattuur per jaar is klein naast de gigafabrieken van Chinese of Europese massaproducenten, maar dat is precies het punt. De concurrentiekracht ligt volgens het Battery Competence Cluster NL (BCC-NL) – dat samen met 9 ministeries aan de actieagenda werkte – niet in de laagste productiekosten per kilowattuur, maar in flexibiliteit: snel schakelen tussen materiaaltypes, celontwerpen en toepassingen. Door te focussen op de assemblage van batterijcellen blijft de benodigde investering bovendien beperkt tot ongeveer een kwart van die voor een volledig geïntegreerde batterijfabriek, aldus de actieagenda.
De productiefaciliteit is volgens de opstellers van de agenda bij uitstek geschikt voor markten waar specifieke prestatie-eisen zwaarder wegen dan prijs. De actieagenda noemt defensie, luchtvaart, drones, maritieme toepassingen en zwaar transport.
Defensie als vliegwiel
Defensie krijgt in de agenda een belangrijke aanjagende rol bij Nederlandse dual-use batterijtechnologie. Defensietoepassingen stellen hoge eisen aan betrouwbaarheid, veiligheid, energiedichtheid en leveringszekerheid, en hebben belang bij onafhankelijkheid van leveranciers buiten het NAVO-gebied.
De vraag vanuit defensie en civiele toepassingen samen kan helpen om de nieuwe productiecapaciteit naar de markt te brengen. Dat model is uitgewerkt in het BatCelFab-project, dat voortkomt uit het Wennink-rapport over toekomstig verdienvermogen van Nederland.
Locatie en financiering open
Wie de fabriek bouwt, waar die komt en hoe die wordt gefinancierd, staat nog niet vast. De actieagenda is een visiedocument; het uitvoeringsprogramma dat na de lancering volgt, moet die vragen beantwoorden.
Bestaande faciliteiten als OBIC, Holst Centre en de Battery Test Centre-voorzieningen van TNO moeten aansluiten op de nieuwe productiefaciliteit.
Maak Solar & Storage Magazine jouw voorkeursbron in Google
Met een nieuwe functie van Google bepaal je zelf welke bronnen je als eerste ziet wanneer je zoekt naar nieuws. Volg ons en mis nooit meer het laatste nieuws over zonne-energie en energieopslag.
De juni 2026-editie van het tijdschrift Solar & Storage Magazine is uit. Dit nummer staat in het teken van de beurs Sustainable Solutions Kortrijk, het naderende einde van de salderingsregeling en thuisbatterijen.