logo
© Holland Solar
© Holland Solar
21 februari 2026

Invoedingstarief voor energieproducenten: ‘Doe het niet’

‘Een invoedingstarief voor grote energieproducenten is zeer schadelijk voor onze energietransitie en de genadeklap voor de pv-sector’, aldus Lisanne Saes, beleidsadviseur netinfra bij NedZero en Holland Solar.

Het invoeren van een invoedingstarief voor energieproducenten, ook van groene stroom, hangt al even boven de markt.
‘De ACM heeft een onderzoek geïnitieerd, naar of dat er moet komen. Dat kwam niet uit het niets. De Agency for the Cooperation of Energy Regulators (ACER), de Europese energietoezichthouder, gaf eerder al aan dat het goed zou zijn als Europese lidstaten die mogelijkheid bekijken.’

Het is oneerlijk als alleen afnemers netkosten betalen?
‘Die zijn toegenomen en zullen verder stijgen in de toekomst. De netten moeten worden uitgebreid om de energietransitie te kunnen voltooien. Maar een invoedingstarief voor producenten instellen is contraproductief. Het is zeer schadelijk voor de energietransitie en de energiesector als geheel.’

Dat erkende onlangs ook minister Hermans van Klimaat en Groene Groei in haar antwoord op Kamervragen vanuit D66 en JA21.
‘En daar zijn wij blij mee. Ze gaat niet over deze zaak; de ACM is een onafhankelijke organisatie. Die neemt de beslissing. Maar dat de minister de risico’s van het invoedingstarief bevestigt, zal de ACM wel meenemen in haar keuze. Hiermee is nog eens duidelijk gemaakt dat er een heel moeilijke tijd aanbreekt voor hernieuwbare-energieprojecten als dit doorgaat, het realiseren van onze klimaatdoelen in gevaar komt, of dat het in ieder geval veel meer geld gaat kosten.’

Wat zou het gevolg zijn voor bestaande grote pv-projecten?
‘Een invoedingstarief betekent hogere kosten, ook voor windprojecten uiteraard. Die kunnen maar beperkt worden doorberekend in de stroomprijs. Er wordt veel gebruik gemaakt van power purchase agreements (ppa). Deze langjarige contracten staan geen tussentijdse prijsverhoging toe. Veel partijen krijgen ook SDE(+)+-subsidie. Het is echter juridisch en ook qua budget heel lastig om hierin te compenseren voor het invoedingstarief. Wij blijven pleiten voor een compensatie voor bestaande projecten, omdat er al veel onder water staan door de toenemende uren met negatieve elektriciteitsprijzen en daardoor niet aan hun betalingsverplichtingen kunnen voldoen richting de bank of lokale investeerders. Een invoedingstarief is kortom een regelrechte ramp voor bestaande projecten; uiteindelijk leidt het tot faillissementen. Dit is natuurlijk zeer ongewenst voor de continuïteit van de energietransitie.’

En nieuwe projecten?
‘De overheid kan een invoedingstarief meenemen in toekomstige steunmechanismen, bijvoorbeeld wanneer we in 2027 overgaan naar een Contract for Difference (CfD). Dit kan als operationele kostenpost worden verwerkt in de basisbedragen of strike price bij een CfD. Dat betekent dan wel dat er met dezelfde subsidiepot minder projecten van de grond getild kunnen worden, omdat ze “duurder” worden. Op deze manier wordt het halen van onze klimaatdoelen dus niet alleen lastiger, maar ook relatief duurder.’

Hoeveel geld?
‘Aurora Energy Research berekende dat er, mocht er een invoedingstarief komen, jaarlijks tot 1,4 miljard euro additionele subsidie voor wind- en zonne-energieprojecten nodig is om onze klimaatdoelen te halen. Zonder die compensatie zou er ongeveer voor eenzelfde bedrag stroom uit het buitenland geïmporteerd moeten worden om aan de vraag te voldoen.’

Onder de streep?
‘Met een invoedingstarief deelt de ACM een genadeklap aan de zonne-energiesector uit. Vele bestaande projecten zouden verlies gaan draaien, als ze dat al niet doen vanwege de toenemende negatieve stroomprijzen. Nieuwe projecten komen zonder compensatie nauwelijks meer van de grond. Er zouden heel wat bedrijven failliet gaan. We hebben het dus over een enorm risico. Het is goed dat minister Hermans hier geen doekjes om windt. Dat leidde bovendien tot een motie van CDA, VVD, ChristenUnie en D66 waarin haar werd gevraagd de ACM hier met klem op te wijzen.’

Waar ligt de oplossing?
‘Allereerst is snel duidelijkheid geven geboden. De mogelijke komst van een invoedingstarief schrikt investeerders en financiers af. Banken houden niet van onzekerheid en met een bestaande businesscase die al zwaar onder druk staat, is er sprake van grote terughoudendheid in het financieren van projecten. Nieuwe projecten komen daardoor niet van de grond en bestaande projecten kun je niet verkopen, omdat ook kopende partijen het proces van het invoedingstarief afwachten. Dit is extra vervelend, omdat je het extra kapitaal goed kunt gebruiken. Banken willen namelijk een steeds kleiner deel van het project financieren door de gestegen risico’s en vragen daardoor een hoger aandeel in eigen vermogen. De boodschap van Holland Solar en NedZero is helder: “Doe het gewoon niet.”‘

Er valt wat voor het onderliggende doel te zeggen…
‘Met een invoedingstarief voor producenten zijn afnemers echt niet goedkoper uit, omdat het dus tot hogere energiekosten leidt vanwege de hogere importbehoefte uit het buitenland en gedeeltelijke verrekening van het invoedingstarief van producenten in de energieprijzen. Daarnaast zetten we grote vraagtekens bij een ander argument: dat het zou leiden tot een efficiëntere benutting van het net. Daar hebben we nog geen hard bewijs van gezien; wij denken dat het veel minder oplevert dan gedacht. Bovendien zijn er al heel veel prikkels op dit vlak. Zo leiden negatieve energieprijzen bijvoorbeeld tot veel curtailment en het plaatsen van batterijen. Daarnaast zijn er vele initiatieven op het gebied van flexibilisering van het netgebruik, een aantal door ons ondersteund. Daarmee kunnen investeringen in het net worden gedrukt en zo ook de nettarieven voor afnemers.’

Deel dit artikel:

Nieuwsbrief

Meld u aan voor de nieuwsbrief met het laatste nieuws!
Ja, ik wil de nieuwsbrief ontvangen en heb de privacy policy gelezen.

Laatste Nieuws

Bekijk al het nieuws

Meest gelezen

Producten