
In de energiemix groeide biomassa het afgelopen kwartaal met bijna 9 procent ten opzichte van dezelfde periode in 2025. De verklaring: kolencentrales draaiden dubbel zoveel uren als een jaar eerder. Gas was duur, waardoor kolen een relatief goedkope keuze waren voor stroomproductie.
Vraag buitenland hoog
Tegelijkertijd was de vraag naar elektriciteit vanuit het buitenland hoog, wat ertoe leidde dat Nederland 1,5 keer zoveel stroom exporteerde als in dezelfde periode vorig jaar.
Biomassa wordt bijgestookt in kolencentrales als aanvulling op kolen. Hoe meer uren zo’n centrale draait, hoe meer biomassa er verbrand wordt en hoe meer dat als hernieuwbare energie meetelt.
Minder zon, minder wind
Er kwamen het afgelopen kwartaal relatief weinig nieuwe zonnepanelen en windcapaciteit bij ten opzichte van een jaar eerder. De productie van beide bronnen was daardoor sterk afhankelijk van de weersomstandigheden.
Voor zonnepanelen resulteerde dat in een lichte daling van 0,8 procent. De windproductie viel nog harder terug en kromp met 2,4 procent.
|
Elektriciteit |
Derde kwartaal 2026 |
|
Conventioneel |
40 procent |
|
Zon-pv |
26 procent |
|
Wind-op-zee |
13 procent |
|
Wind-op-land |
13 procent |
|
Biomassa |
9 procent |
Afschakeling bleef pijn doen
Het aantal uren met negatieve elektriciteitsprijzen staat dit jaar op 393, tegenover 540 uur in dezelfde periode van 2025. Dat heeft meerdere oorzaken: hogere export, slimmer stroomgebruik, meer energieopslag met batterijen en minder momenten waarop zon en wind tegelijk op volle kracht produceerden.
Toch werden zonnepanelen en windmolens nog regelmatig uitgeschakeld. Hadden de installaties ononderbroken kunnen doordraaien, had dat bijna 200.000 huishoudens een heel jaar van groene stroom kunnen voorzien. Betere opslag zou daarin een sleutelrol spelen en versterkt ook de businesscase van wind- en zonneparken, die de afgelopen jaren al onder druk staat.
Klimaatdoel: nog 10 procent
Het aandeel hernieuwbare energie in de Nederlandse elektriciteitsproductie steeg in het derde kwartaal naar 60 procent, tegen 58 procent in dezelfde periode van 2025. Zonder afschakeling had dat op 66 procent kunnen uitkomen. Daarbij wordt de internationale definitie gehanteerd: het aandeel hernieuwbaar wordt berekend ten opzichte van het eigen elektriciteitsverbruik, terwijl export buiten de berekening blijft. Op papier wordt daardoor alle geëxporteerde en geïmporteerde stroom als volledig grijs beschouwd.
De doelstelling uit het Klimaatakkoord is dat Nederland in 2030 minstens 70 procent van zijn stroom hernieuwbaar opwekt.
Een kanttekening daarbij: hernieuwbare stroom is slechts een onderdeel van het totale energiegebruik. Het finale energieverbruik in Nederland bestaat uit warmte (55 procent, vooral gebouwen en industrie), transport (25 procent, vooral weg- en vliegverkeer) en stroom (20 procent). De verduurzamingsopgave is daarmee aanzienlijk groter dan de stroomcijfers doen vermoeden. De kwartaalcijfers zijn afkomstig van Energieopwek.nl, dat data gebruikt van het Nationaal Energie Dashboard (ned.nl), een initiatief van Gasunie en TenneT.
Maak Solar & Storage Magazine jouw voorkeursbron in Google
Met een nieuwe functie van Google bepaal je zelf welke bronnen je als eerste ziet wanneer je zoekt naar nieuws. Volg ons en mis nooit meer het laatste nieuws over zonne-energie en energieopslag.
De juni 2026-editie van het tijdschrift Solar & Storage Magazine is uit. Dit nummer staat in het teken van de beurs Sustainable Solutions Kortrijk, het naderende einde van de salderingsregeling en thuisbatterijen.