Noordzee Energie Outlook: overheid moet cable pooling tussen windparken en zonneparken op zee toestaan
De Noordzee is vanwege haar potentieel voor windenergie en CO2-opslag onmisbaar om de klimaatdoelstelling van 95 procent CO2-reductie in 2050 te halen. Daarbij zijn er ook kansen voor zonneparken op zee.
Dat blijkt uit de Noordzee Energie Outlook (NEO) die een wetenschappelijk onderbouwd overzicht geeft van de mogelijkheden voor de verduurzaming vanaf de Noordzee voor de periode na 2030. Het rapport is in opdracht van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat opgesteld door DNV GL.
Windparken
Windenergie op zee speelt een belangrijke rol in de verduurzaming van de Nederlandse energievoorziening en het behalen van klimaatdoelstellingen. De routekaart windenergie op zee 2030 geeft een blauwdruk hoe en waar nieuwe windparken in de periode tot en met 2030 worden gebouwd en de NEO kijkt nu vooruit richting de periode na 2030.
Windenergie zal na 2030 significant moeten doorgroeien. Voor een succesvolle doorgroei van windenergie op zee na 2030 moet dan wel aan de juiste randvoorwaarden worden voldaan. Een belangrijke randvoorwaarde is dat de energie op een goede manier in het energiesysteem wordt geïntegreerd. Daarvoor moet fysieke infrastructuur, zoals kabels en elektriciteitsnetten, tijdig gereed zijn. Het is volgens de onderzoekers dus van belang dat de ruimtelijke voorbereiding van windparken, aanlanding en de infrastructuur op land goed op elkaar aansluiten. Daarom start deze maand het project Verkenning Aanlanding Windenergie op Zee 2030 – 2040 (VAWOZ). Dit project vormt de verbinding tussen het programma Noordzee 2022 – 2027 en het Programma Energie Hoofdstructuur dat zich richt op de ruimtelijke planning voor de energiehoofdstructuur op land.
Kansen zon
In het rapport beantwoorden de onderzoekers ook de vraag wat er gebeurt als nieuwe technologieën zoals drijvende zonnepanelen of aquatische biomassa een groei doormaken die vergelijkbaar is met die van offshorewindenergie.
De analyse van DNV GL suggereert dat vanaf 2030 drijvende zonneparken op zee en aquatische biomassa voldoende volwassen zullen zijn om een significante bijdrage te kunnen leveren aan de energievoorziening vanuit de Noordzee. De analyse toont ook een verwachte bijdrage tegen 2050 van maximaal 10 gigawatt(piek) van zowel drijvende zonnepanelen als aquatische biomassa. ‘Op basis van de productiekosten is het onwaarschijnlijk dat deze technologieën tegen 2050 kunnen concurreren met offshorewind’, aldus de onderzoekers. ‘Dat is echter misschien niet de belangrijkste motor voor toekomstige ontwikkeling. De toepassing van innovatieve technologieën heeft namelijk nog andere voordelen, zoals de mogelijkheid van multifunctioneel ruimtegebruik en een verhoging van de efficiëntie van de transportinfrastructuur door een consistenter productieprofiel.’
Cable pooling toestaan
Een van de no-regretmaatregelen die de Nederlandse overheid daarom volgens DNV GL moet nemen, is het toestaan van cable pooling tussen windparken en zonneparken op zee.
‘Het kan de algehele infrastructuurkosten verlagen, wat het verdienmodel van drijvende pv-systemen zal verbeteren’, stellen de onderzoekers. ‘Zonder cable pooling zijn de kosten van infrastructuur op korte termijn waarschijnlijk te hoog om succesvolle businesscases te maken voor drijvende pv-systemen in windparkzones. Door cable pooling te vergemakkelijken, kunnen drijvende pv-systemen op zee onderdeel worden van de energievoorziening van morgen.’
Maak Solar & Storage Magazine jouw voorkeursbron in Google
Met een nieuwe functie van Google bepaal je zelf welke bronnen je als eerste ziet wanneer je zoekt naar nieuws. Volg ons en mis nooit meer het laatste nieuws over zonne-energie en energieopslag.
Laatste Nieuws
Nieuwsbrief
Meest gelezen
Vacatures
Nu in Het Tijdschrift
De juni 2026-editie van het tijdschrift Solar & Storage Magazine is uit. Dit nummer staat in het teken van de beurs Sustainable Solutions Kortrijk, het naderende einde van de salderingsregeling en thuisbatterijen.














