
Onderzoeksbureau Aurora Energy Research berekende in opdracht van het ministerie van Klimaat en Groene Groei dat een jaarlijks openstellingsbudget van circa 10,5 miljard euro nodig is om de nationale klimaatdoelen voor 2040 en 2050 te halen, en dat dit bedrag constant moet blijven tot en met de SDE++-ronde van 2036.
Kloof met advies
Van dat bedrag is 3,3 miljard euro bestemd voor CO2-afvang en -opslag (ccs), 2,3 miljard euro voor warmte in de gebouwde omgeving, 1,1 miljard euro voor industriële warmtepompen en 1,0 miljard euro voor groen gas en hernieuwbare brandstoffen. Zonne-energie en wind op land hebben met respectievelijk 0,5 en 0,6 miljard euro veruit het kleinste aandeel nodig.
Het kabinet heeft in het coalitieakkoord echter slechts 8 miljard euro per jaar toegezegd voor de periode 2027 tot en met 2032, wat 2,5 miljard euro minder is dan het geadviseerde bedrag. Vooral het budget voor warmteprojecten springt eruit: het beoogde bedrag van 5,2 miljard euro per jaar is meer dan 2 keer zo hoog als het maximale bedrag dat in de rondes van 2021 tot 2024 ooit daadwerkelijk werd aangevraagd, destijds tussen 0,4 en 2,4 miljard euro. De Tweede Kamer vroeg het kabinet eerder al via een motie om de investeringsstroom via de SDE++ op peil te houden, een motie die minister Van Veldhoven van Klimaat en Groene Groei met het huidige budget van 8 miljard euro als uitgevoerd beschouwt, ondanks de kloof met het geadviseerde bedrag.
Netcongestie blijft parten spelen
Een deel van dat budget dreigt bovendien niet effectief te worden besteed. Onderzoek van Technopolis in opdracht van RVO liet vorig jaar al zien dat veel zonnestroomprojecten met een SDE++-beschikking uiteindelijk niet worden gerealiseerd, met netcongestie als een van de hoofdoorzaken.
Dit is volgens Van Veldhoven niet alleen vervelend voor ondernemers die tijd en geld in hun project hebben gestoken, het kabinet reserveert hierdoor ook subsidiemiddelen voor projecten die nooit gerealiseerd worden, geld dat daardoor niet naar andere projecten in de energietransitie kan. Om deze vrijval te beperken werkt de minister samen met de netbeheerders en Holland Solar aan een aangescherpte transportindicatie, die beter moet aansluiten bij de daadwerkelijke kans op een netaansluiting. De netbeheerders en Partners in Energie publiceren hiervoor zo snel mogelijk een nieuw beoordelingskader.
Uitgaven lager dan budget
Daar staat volgens Aurora tegenover dat de werkelijke jaarlijkse SDE++-uitgaven, geschat op 6,1 miljard euro, naar verwachting zo’n 42 procent onder het gereserveerde openstellingsbudget van 10,5 miljard euro blijven. Van die 6,1 miljard euro gaat 2,8 miljard euro naar CO2-opslag en -gebruik en 1,2 miljard euro naar warmte in de gebouwde omgeving. Dit verschil ontstaat doordat niet alle toegekende projecten daadwerkelijk gerealiseerd worden, projecten niet altijd op maximale capaciteit produceren en marktprijzen doorgaans hoger liggen dan de basisprijzen waarmee bij de budgetberekening wordt gerekend.
Voor CO2-afvang en -opslag wordt uitgegaan van een hoog opleveringspercentage van 90 tot 100 procent, waardoor de verwachte uitgaven voor deze categorie relatief dicht bij het gereserveerde budget liggen. Aurora waarschuwt echter dat dit percentage nog kan dalen naarmate meer CO2-afvang- en -opslagprojecten in sectoren vallen die onder het Europese emissiehandelssysteem vallen. Het feitelijke beslag op de schatkist is dus kleiner dan de budgetcijfers doen vermoeden, al blijft de onderliggende opgave voor vooral warmteprojecten en CO2-afvang en -opslag onverminderd groot.
De juni 2026-editie van Solar & Storage Magazine is uit. Dit nummer staat in het teken van de NEN1010:2020 die in de wet vastgelegd wordt, zonnepanelen op huurwoningen en de druk op het Vlaamse stroomnet.