
Halverwege vorig jaar telde Nederland ruim 12.000 zonneparken met een totale oppervlakte van 3.950 hectare. Slechts 0,2 procent daarvan is op oude landbouwgrond gebouwd.
Groei door grote parken
Het Kadaster, de overheidsorganisatie die in Nederland grond en vastgoed registreert en in kaart brengt, heeft in een nieuw onderzoek alle zonne-energieopstellingen op land en water voor de jaren 2020 en 2025 geïnventariseerd.
In 2020 waren er ruim 3.100 zonneparken met een gezamenlijke netto-oppervlakte, dat wil zeggen uitsluitend de oppervlakte van de zonnepanelen zelf, van circa 950 hectare. 5 jaar later telt Nederland ruim 12.000 zonneparken en is de totale oppervlakte met meer dan 3.000 hectare gegroeid naar 3.950 hectare.
Die groei komt vrijwel geheel op het conto van grotere parken. Zonneparken groter dan 5 hectare werden in aantal meer dan 4 keer zo groot en voegden in die 5 jaar 2.280 hectare aan zonneparkoppervlakte toe. Hoewel bijna 7.000 van de 12.000 zonneparken kleiner zijn dan 70 vierkante meter (m²), vormt die kleine categorie slechts 2 procent van de totale oppervlakte.

Zowel in 2020 als in 2025 beslaat 98 procent van alle oppervlakte parken groter dan 1.000 vierkante meter. Het grootste zonnepark van Nederland lag in 2025 in de gemeente Dronten, met een oppervlak van 72 hectare: even groot als de kleinste 10.600 zonneparken samen. De 100 grootste parken zijn in 2025 goed voor de helft van het totale zonnepark-areaal.

Bedrijven domineren grote parken
Bedrijven zijn de dominante eigenaren van zonneparken. In 2020 was 57 procent van alle zonneparken in bezit van bedrijven, in 2025 is dat aandeel gestegen naar 67 procent. Bij zonneparken groter dan 5 hectare is zelfs 83 procent in handen van bedrijven.
Een deel van de zonneparken dat in dit onderzoek op naam staat van een particulier, is in de praktijk in gebruik via een opstalrecht. Dat is een zakelijk recht waarbij een partij bouwwerken mag neerzetten en behouden op de grond van een ander. De grondeigenaar is dan een particulier, terwijl de uitbater van het zonnepark een bedrijf is. Particulieren, waterschappen, gemeenten, provincies, verenigingen en stichtingen zijn doorgaans eigenaar van kleinere zonneparken.

Groningen koploper in oppervlakte
In iedere Nederlandse provincie is de zonneparkoppervlakte de afgelopen 5 jaar minstens verdubbeld; in sommige gevallen is ze 3 of 4 keer zo groot geworden. Groningen heeft in 2025 met 582 hectare de grootste totale oppervlakte aan zonneparken. Gelderland volgt met 579 hectare en Drenthe staat derde met 479 hectare.

De absolute toename was het grootst in Gelderland: daar werd 534 hectare aan zonneparken toegevoegd. Dat is mede het gevolg van de Regionale Energiestrategie (RES) 1.0 uit 2021, waarmee de 6 Gelderse RES-regio’s fors inzetten op zonne-energie op land. Gelderland kent ook de sterkste relatieve groei, gevolgd door de provincie Utrecht. In Gelderland liggen de meeste grote zonneparken in aantal, namelijk 163, gevolgd door Groningen met 155. Noord-Brabant heeft met 76 het kleinste aantal grote zonneparken. Diezelfde provincie telt echter wel het grootste aantal parken in de categorie 1.000 vierkante meter tot 1 hectare: ook 76 stuks. Bij parken groter dan 5 hectare voert Gelderland de ranglijst aan met 45 parken, gevolgd door Noord-Brabant met 29 en Drenthe met 28. In het Groene Hart en op de Veluwe liggen weinig zonneparken.
0,2 procent op oude landbouwgrond
Circa twee derde van de totale oppervlakte aan zonneparken was in 2015 nog agrarisch grondgebruik. In totaal is sindsdien zo’n 3.200 hectare landbouwgrond omgezet naar zonneparken. In Drenthe was dit aandeel met 79 procent het hoogst. Gelderland en Utrecht volgen allebei met 74 procent.
In Flevoland lag het aandeel voormalige landbouwgrond juist het laagst, met 44 procent. Landelijk gezien valt het areaal in het niet bij de totale agrarische oppervlakte: minder dan 0,2 procent van alle landbouwgrond in Nederland is omgezet in een zonnepark.

Netto versus bruto oppervlakte
Het nieuwe onderzoek meet de netto-oppervlakte van zonneparken: uitsluitend de werkelijke oppervlakte van de zonnepanelen, zonder de tussenruimtes. Het eerdere Kadaster-onderzoek uit 2023 werkte met bruto-oppervlaktes van zonneparken groter dan 1.000 vierkante meter per stuk, waarbij tussenruimtes wel werden meegeteld op basis van de topografische kaart.
Bij een vergelijking op basis van deze zelfde bruto-methode zouden de totalen er als volgt uitzien: midden 2020 een totale oppervlakte van 1.200 hectare, begin 2023 3.600 hectare en midden 2025 4.900 hectare. Tussen halverwege 2020 en begin 2023, een periode van circa 2,5 jaar, werd bruto 2.400 hectare oppervlakte aan zonnepanelen toegevoegd. In de daaropvolgende 2,5 jaar, tot halverwege 2025, was de bruto-toevoeging slechts 1.300 hectare.
De nieuwste studie van het Kadaster maakte gebruik van beeldherkenning om alle aaneengesloten zonnepanelen op land te detecteren. Om bij elkaar horende zonnevelden te groeperen tot één zonnepark, werd een buffer van 20 meter aangebracht. Het onderzoek is uitgevoerd door Jorian Lamberink, Marion Plegt, Diane Stiemer en Martin Tillema.
De juni 2026-editie van Solar & Storage Magazine is uit. Dit nummer staat in het teken van de NEN1010:2020 die in de wet vastgelegd wordt, zonnepanelen op huurwoningen en de druk op het Vlaamse stroomnet.