
De proef wordt uitgevoerd in samenwerking met de provincies Noord-Brabant en Limburg en de deelnemende gemeenten. In totaal worden 150 laadpalen geplaatst waarbij de parkeerplaats niet uitsluitend voor laden is gereserveerd. Naast de pilotgroep wordt ook een controlegroep van 150 reguliere laadpalen geplaatst, waarbij de parkeerplaats wél exclusief bestemd is voor het opladen van elektrische auto’s. Op de pilotlocaties wordt gewerkt met 2 varianten: een aangepast verkeersbord of een laadtegel. De aanleiding is de toenemende druk op de openbare ruimte. Vattenfall InCharge onderzoekt met de pilot of laadpalen sneller geplaatst kunnen worden doordat gemeenten geen aparte procedure hoeven te doorlopen om een parkeerplaats exclusief als laadplek aan te wijzen.
Parkeerdruk versus laadnood
Vattenfall InCharge liet ruim 1.000 automobilisten ondervragen over laadplekken en parkeerdruk. Slechts 16 procent van de rijders met een benzine- of dieselauto vindt dat er te veel laadplekken zijn in de eigen omgeving; meer dan de helft van de elektrische rijders vindt er juist te weinig.
Tegelijk stellen 4 op de 10 respondenten in beide groepen dat het huidige aantal laadplekken in de buurt voldoende is. ‘Om de groei van elektrisch rijden mogelijk te maken, moeten we blijven zoeken naar slimme oplossingen voor de openbare ruimte’, aldus Alied Wessels Boer, directeur Vattenfall InCharge. ‘De resultaten kunnen waardevolle lessen opleveren voor gemeenten in heel Nederland.’
Meningen lopen uiteen
Over het delen van laadplekken lopen de meningen uiteen. Van de elektrische rijders staat 38 procent open voor een gedeelde plek, zolang elektrische auto’s kunnen blijven laden wanneer dat nodig is; 36 procent vindt laden de primaire bestemming en is gekant tegen het idee.
Slechts 14 procent van de rijders met een benzine- of dieselauto zegt langer dan 2 uur te willen parkeren op een gedeelde plek; 41 procent geeft aan de plek vrijwillig vrij te laten voor iemand die moet laden. Dit sluit aan bij eerder onderzoek naar laadgedrag in de regio, waaruit bleek dat de uitbreiding van de publieke laadinfrastructuur stagneert.
Brabant flexibeler dan Limburg
Binnen de 2 pilotprovincies zijn regionale verschillen zichtbaar. Brabanders lijken flexibeler wat betreft gedeeld gebruik: een meerderheid staat positief tegenover het idee onder voorwaarden, en 3 op de 10 geven aan parkeerdruk een groter probleem te vinden dan de beschikbaarheid van laadpalen. Limburgers zijn beschermender: 30 procent vindt dat laadplekken uitsluitend voor laden bedoeld zijn, tegenover 22 procent van de Brabanders.
In beide provincies zegt bijna de helft van de automobilisten een laadplek vrijwillig vrij te willen laten voor iemand die moet laden. ‘Als provincie willen we de overstap naar elektrisch rijden in Brabant zo eenvoudig mogelijk maken’, besluit Bas Maes, gedeputeerde Energie Noord-Brabant. De plaatsing van de laadpalen loopt tot januari 2027, waarna de locaties gedurende meerdere maanden worden gemonitord.
De juni 2026-editie van Solar & Storage Magazine is uit. Dit nummer staat in het teken van de NEN1010:2020 die in de wet vastgelegd wordt, zonnepanelen op huurwoningen en de druk op het Vlaamse stroomnet.