
De maatregel is uitgevaardigd via een presidentieel besluit van Donald Trump op basis van sectie 232 van de Trade Expansion Act van 1962, hetzelfde instrument dat eerder werd gebruikt voor importheffingen op staal en aluminium. Voorafgaand aan het besluit voerde het Amerikaanse ministerie van Handel een jaar lang onderzoek uit naar de nationale veiligheidsimplicaties van de import van polysilicium en afgeleide producten. Polysilicium is de grondstof die aan de basis staat van zowel de productie van zonnecellen voor zonnepanelen als van halfgeleiders voor de chipindustrie. China domineert de wereldwijde productie van silicium.
Minimumprijzen per product
Het besluit omvat naast het tarief een stelsel van minimale invoerprijzen, zogeheten price floors. Die zijn vastgesteld op 21 Amerikaanse dollar per kilogram voor polysilicium, 100 Amerikaanse dollar per kilogram voor ingots en wafers, 0,22 Amerikaanse dollar per wattpiek voor zonnecellen en 0,38 Amerikaanse dollar per wattpiek voor zonnepanelen.
Ter vergelijking: volgens marktonderzoeksbureau BloombergNEF bedraagt de prijs van zonnepanelen die momenteel naar Amerika worden verscheept gemiddeld 27 dollarcent per wattpiek, terwijl het wereldwijde gemiddelde op 11 dollarcent per wattpiek ligt. De minimumprijs ligt daarmee ruim boven het huidige marktniveau, zelfs voor de Amerikaanse markt.
First arm’s-length
Importeurs die bij de grens niet kunnen aantonen dat de ‘first arm’s-length’-verkoop in de Verenigde Staten (VS) op of boven de minimumprijs plaatsvindt, krijgen een aanvullend specifiek tarief opgelegd gelijk aan het verschil.
De importtarieven en minimumprijzen treden in werking op 4 december 2026, 120 dagen na ondertekening door president Trump. Ze worden gestapeld bovenop bestaande antidumping- en compenserende rechten en eerder opgelegde sectie 301-tarieven. Zogenaamde preferentiële tarieven gelden voor importen uit Japan, Zuid-Korea, Taiwan, Zwitserland, Liechtenstein en de Europese Unie (EU): voor die landen is de gecombineerde last van het nieuwe tarief en het bestaande invoerrecht gemaximeerd op 15 procent.
Invloed op mondiale ketens
De maatregel raakt de hele mondiale toeleveringsketen voor zonne-energie, die grotendeels in handen is van Chinese producenten. Het eerdere polysiliciumonderzoek van het Amerikaanse ministerie van Handel legde de afhankelijkheid van Chinese toeleveranciers bloot; het presidentieel besluit is het directe gevolg van dat onderzoek.
De branchevereniging voor de Amerikaanse zonnesector, de Solar Energy Industries Association (SEIA), reageert gemengd: zij erkent de voortgang in de opbouw van binnenlandse productiecapaciteit, maar waarschuwt dat tarieven op grondstoffen de energiekosten voor Amerikaanse gezinnen en bedrijven opdrijven.
Stimulans voor nieuwe fabrieken
Het presidentieel besluit bevat ook een stimuleringsregeling voor bedrijven die investeren in binnenlandse productie van polysilicium of afgeleide producten. Bedrijven met een goedgekeurd investeringsplan kunnen tijdens de bouwperiode van hun fabriek vrijgesteld worden van het tarief op de importen die zij voor die fabriek nodig hebben, mits de bouw vóór 20 januari 2029 van start gaat.
Voor de Europese en Nederlandse zonne-energiesector zijn de directe gevolgen vooralsnog beperkt, maar de maatregel beïnvloedt wel de mondiale prijsontwikkeling. Nu grote hoeveelheden Aziatische productie niet langer makkelijk naar de VS kunnen worden geëxporteerd, kunnen die producten mogelijk versneld op de Europese markt terechtkomen, wat de neerwaartse druk op de prijs van zonnepanelen verder kan versterken.
De juni 2026-editie van Solar & Storage Magazine is uit. Dit nummer staat in het teken van de NEN1010:2020 die in de wet vastgelegd wordt, zonnepanelen op huurwoningen en de druk op het Vlaamse stroomnet.