
Het begon allemaal met zonnewarmte…
‘Met zonneboilers, met name in de consumentenmarkt. De interesse vanuit installateurs groeide snel vanaf 2000, allereerst in Wallonië vanwege gunstige subsidies gekoppeld aan een opleidingsprogramma – de voorloper van RESCert. Er werden in korte tijd zo’n 1.500 bedrijven gecertificeerd. Vlaanderen volgde en sprong op die kar.. Ook hier ging het pijlsnel omhoog.’
Hoe groot werd de zonneboiler?
‘De markt bereikte een hoogtepunt in 2012. Er werd dat jaar in België maar liefst zo’n 120.000 vierkante meter aan zonthermische systemen geplaatst. Het was een fantastische tijd voor onze sector. Maar daar kwam de klad in, en wel in een heel snel tempo. De markt holde jaarlijks met 20 tot 30 procent achteruit. Hij is gedecimeerd. Vorig jaar werd nog maar 3.500 vierkante meter geïnstalleerd.’
Wat was de reden?
‘Niet de producten en ook niet hun toegevoegde waarde. Met een zonneboiler kun je tegen een jaarlijks verbruik van zo’n 50 kilowattuur, benodigd voor het draaien van de pomp, 2.500 tot 3.000 kilowattuur warmte opwekken. De prestatiecoëfficiënt (COP) is gigantisch. Het is een prachtige technologie voor de verduurzaming van woningen.’
Maar…?
‘Het ging allemaal te snel. Er werden enorm veel installaties geplaatst, gebruik makend van die subsidies. Maar veelal zo goedkoop mogelijk en dus slecht. Dat leverde veel problemen op; installateurs die steeds weer herstelwerkzaamheden moesten uitvoeren. Daarmee werd ook het vertrouwen van huishoudens in de zonneboiler geschaad. Fabrikanten en distributeurs waren daar ook debet aan; leidden installateurs wel op, maar het ging zo snel dat er te weinig aandacht was voor de knelpunten in een installatie. Bovendien kwam pv op. De populariteit van zonnepanelen was snel toegenomen, ook bij installateurs – makkelijker aan te sluiten en geen zorgen achteraf. Dat leidde ook tot het opzetten van een eigen federatie voor de pv-branche. Waar Belsolar eerder de gehele zonne-energiesector vertegenwoordigde, focussen we ons sinds 2008 op zonthermie.’
Met die neergang van de zonneboiler worden grote kansen gemist?
‘Het is doodzonde. Hij is niet alleen energetisch zeer efficiënt. Je kunt er je huishouden een groot deel van het jaar voor 100 procent van warm sanitair water mee voorzien. Zo’n systeem legt geen druk op het elektriciteitsnet. Het gaat puur om productie voor zelfverbruik. Na installatie kunnen hoogstens de kosten voor stroom met enkele euro’s per jaar stijgen. Het is dus ook prijstechnisch een goede investering.’
Je hebt het niet over zakelijke toepassingen…
‘Daar hebben we bij Belsolar steeds meer aandacht voor. De kansen in de projectenmarkt zijn groot, om dezelfde redenen als in het residentiële segment, bijvoorbeeld voor ziekenhuizen, zwembaden, industriële bedrijven, sportcentra… Wat verschilt is de technische uitdaging. Bij grootschalige toepassingen is een goede engineering van een integraal systeem key bij het creëren van optimale efficiëntie. Denk bijvoorbeeld aan de omvang van buffervaten, de leidingen waar de zonnevloeistof op zeer hoge temperatuur doorheen loopt en de warmtewisselaar. Het moet bovendien veilig zijn, onder ander met het oog op het voorkomen van oververhitting.’
Hoe loopt dit marktsegment?
‘Tevens zeer slecht. Ook dat is jammer, temeer omdat deze projecten gesubsidieerd worden door de Vlaamse ecologiepremie. Daar is echter te weinig bekendheid rond. Het goede nieuws is dat er nu wel tractie ontstaat voor pvt, waarmee zonnestroom én zonnewarmte wordt geproduceerd. Dat geldt zowel voor pvt als lage-temperatuurbron, waarbij de warmte uit de omgeving wordt gehaald, als pvt-systemen met en hoge temperatuurzonnecollector en pv daarvoor.’
Hoe groot is het animo voor pvt in België?
‘Nog niet zo groot als zonthermie, wat al niet groot is. Exacte cijfers zijn niet bekend. Een educated guess vanuit mijn ervaring bij Thema, importeur van duurzame warmtetoepassingen, is een installatievolume van 1.000 vierkante meter. Maar er zit een stijgende lijn in, met name wat betreft pvt als additionele bron voor warmtepompen die gebruik maken van geothermie. Daarbij wordt pvt ingezet voor het regenereren van ondergrondse warmtebuffers die zijn afgekoeld in de winter. Het voordeel: een veel efficiënter werkende warmtepomp gedurende de levensduur en lagere kosten omdat er minder water hoeft te worden opgepompt en minder boringen nodig zijn.’
Voert Belsolar een achterhoedegevecht of is een wederopstanding van zonthermie aanstaande?
‘Er komt een revival aan, daarvan ben ik overtuigd. Zo gaan er steeds meer warmtepompen over de toonbank in België, al meer dan pv-systemen. De zonnepaneeleigenaren die er één aanschaffen gaan er op enig moment achter komen, binnen 1 à 2 jaar, dat die toch wel serieus stroom uit het net verbruiken. Dat kun je oplossen door het plaatsen van een flinke batterij. Maar optimalisatie met zonnewarmte is ook een goede optie. Daarnaast: een zonneboiler is gezien de vele voordelen feitelijk gewoonweg een no-brainer in de nieuwbouw, tevens als bron voor vloerverwarming, en vaak een mooie oplossing bij renovatieprojecten.’
Zonthermie is nog niet dood?
‘Zeker niet. Het zal niet van de ene op de andere dag gebeuren, en ook niet dit jaar. Maar de interesse neemt weer toe. Daar is ook de situatie met Rusland en de huidige energiecrisis, gevolg van de oorlog in het Midden-Oosten, debet aan. Particulieren en bedrijven willen onafhankelijker in hun energievoorziening zijn en meer grip op hun energierekening. De sector mag dan bij de knieën zijn afgehakt, zolang we voeten hebben kunnen we lopen. Er komt weer groei aan, dat is mijn overtuiging.’
Daarin ligt ook een opgave voor de overheid?
‘De overheid heeft ons voor een groot deel laten vallen. In de klimaat- en energieplannen wordt zonnewarmte aangehaald, maar in zeer beperkte mate. Een toekomstperspectief – investeren in een grootschalige implementatie van zonnewarmte als onderdeel van ons energielandschap – wordt niet geboden. Dat is een gemiste kans. De Vlaamse subsidie op de zonneboiler voor consumenten is volledig afgeschaft, hopelijk wordt dat besluit ooit herzien.’
En de sector?
‘Belsolar kende ooit 35 leden; fabrikanten en leveranciers. Dat zijn er nu nog maar 7. Dat geeft aan dat zonnewarmte voor veel partijen geen prioriteit meer is. Tegelijkertijd, dit betekent ook dat degenen die nog wel bij ons aangesloten zijn uitgesproken specialisten zijn, zonder schik om systemen uit te werken, en sterk gemotiveerd om zonnewarmte alsnog tot een groot succes te maken. Wij zijn er dus klaar voor, nu de markt nog.’
De maart 2026-editie van Solar & Storage Magazine is verschenen. Het tijdschrift bevat artikelen over de vakbeurs Solar Solutions Amsterdam, stekkerbatterijen, zonnepaneelbeleid bij woningcorporaties en onderhoud van zonnepanelen.