
Jij gaf als voorzitter Vereniging Warmtepompen recentelijk een helder signaal af: het gaat niet snel genoeg.
‘Dat ging over de cijfers van 2025. Er werden zo’n 126.000 residentiële warmtepompen verkocht door fabrikanten en importeurs. Willen we de Nederlandse beleidsdoelen op het gebied van de verduurzaming van de gebouwde omgeving halen, dan moet in 2030 25 procent van de woningen zijn uitgerust met een warmtepomp. Dat gaat niet lukken met het tempo van nu.’
Enkele dagen later werd de sector op zijn wenken bediend; in het coalitieakkoord wordt de warmtepomp weer gestimuleerd.
‘Dat zou je zeggen. De markt kromp sterk vanaf het vierde kwartaal van 2023, doordat het kabinet- Schoof de normering van verwarmingsinstallaties naar minimaal een hybride opgestelde warmtepomp, niet doorzette. Na een forse dip in 2024 herstelde de markt zich nog niet in 2025. Het lijkt erop dat het kabinet-Jetten dat gaat corrigeren. Maar nuancering is gepast.’
In welke zin?
‘Allereerst, wij zijn natuurlijk erg blij met dit punt uit het regeerakkoord; het is goed voor de beoogde eindgebruikers en natuurlijk ook voor de sector. Maar de context is anders dan voorheen. Het is even afwachten hoe de sector verder kan; we moeten doorpraten over hoe en wat en wanneer.’
De context?
‘Als je kijkt naar de regeringsverklaring, dan staat het oplossen van het netcongestieprobleem centraal in het energietransitiebeleid. Dat is ook goed; de gelijktijdige capaciteit per aansluiting van het Nederlandse laagspanningsnet is het kleinste van heel Europa. Als je verder wilt elektrificeren, en warmtepompen zijn daar onderdeel van, dan moet het allemaal passen en meebewegen met waar netbeheerders mee bezig zijn: meer flexibiliteit om pieken te vermijden en forse netuitbreiding.’
Dat heeft de hoogste prioriteit…
‘En de uitrol van warmtenetten wordt door de aanstaande regering onder Jetten geprefereerd boven die van individuele warmtepompen, die daarmee dus op de derde plaats staan. En die ziet het liefst hybride opgestelde warmtepompen, want die worden verondersteld het meest flexibel te zijn. Daar zitten echter wel bepaalde aannames in waar we met zijn allen bewust van moeten zijn.’
Welke?
‘Om te beginnen, om misverstand te voorkomen: ik ben erg enthousiast over meer nieuwe warmtenetten. Dan over de aannames. Moderne warmtenetten behoeven duurzame warmtebronnen, veelal lagetemperatuurbronnen zoals aquathermie uit oppervlakte- of grondwater. Daarmee kan trouwens ook passief worden gekoeld in de zomer, voorwaar geen overbodige luxe. Opwaardering naar gebruikstemperatuur gebeurt met hoge efficiëntie door grote warmtepompen op het middenspanningsnet en/of met individuele boosterwarmtepompen op het laagspanningsnet. Vanwege die hoge efficiëntie – oftewel COP – is de elektriciteitsvraag relatief laag, maar daarmee nog steeds absoluut hoger dan voor traditionele stadsverwarming op gas of industriële restwarmte.’
En verder?
‘Een tweede ons inziens verkeerde aanname is dat de komst van een warmtenet in een wijk betekent dat tot die tijd niks doen een optie is. Zoals ook in 2022 en 2023 met toenmalig ministers Jetten en De Jonge is besproken: de, tijdelijke, installatie van – hybride – warmtepompen, wachtend op dat warmtenet, bespaart al veel gas en daarmee CO2-emissie. Het geeft ook meer rust in de portemonnee van de eindgebruiker dan doorgaan met het stoken van steeds duurder aardgas.’
Het nieuwe kabinet wil hybride en slimme warmtepompen vanaf 2029 standaard maken bij vervanging van cv-ketels. Zijn jullie het daarmee eens?
‘In principe ja. Een belangrijke vraag is echter hoe dit wordt gedefinieerd. Wat ons betreft als een efficiëntie-eis die een standalone gasketel uitsluit en de keuze van een duurzamer alternatief vrij laat. Nederlanders houden er niet van ergens toe te worden verplicht.’
En dus?
‘De keuze voor een hybride opgestelde of een all-electric – ready – warmtepomp dient een bewuste en positieve keuze te zijn, mede gericht op de lange termijn. Komt er een warmtenet? Gaat het aardgas eruit, dus naar volledig elektrisch? En hoe zit het met koeling? Met het oog op dat laatste wijs ik nog graag op de 275.000 in 2025 geleverde airco’s, oftewel lucht-luchtwarmtepompen, ruim tweemaal zoveel als ‘gewone’ warmtepompen. En er wordt ook heel hard gewerkt om warmtepompen aanstuurbaar en dus “slim” te maken, zodat ze zullen kunnen anticiperen op pieken in elektriciteitsvraag ter voorkoming van netcongestie, met behoud van comfort en financieel voordeel voor de eindgebruiker.’
Wil Vereniging Warmtepompen dan aanpassing van het coalitieakkoord?
‘Dat ziet er op zich goed uit. Maar een overwogen uitwerking is noodzaak en daar zullen we over meepraten in het nationale programma Aanpak warmtepompen 2025-2030: over wat we precies waar en wanneer gaan doen met warmtepompen dus. En ondertussen staan de ontwikkelingen in onze sector natuurlijk ook niet stil.’
Op welke vlakken?
‘2 belangrijke doelgroepen waar nog flink winst is te behalen, zijn woningcorporaties – Nederland telt bijna 3 miljoen sociale huurwoningen – en de koopsector. Daar wordt in diverse gecoördineerde initiatieven gericht actie op genomen. Zo werd onlangs een brede intentieverklaring ondertekend, onder meer door de koepel van woningcorporaties Aedes, installateurs, fabrikanten, de bouwsector, Techniek Nederland en het ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (VRO), om de totale levensduurkosten van warmtepompen in sociale huurwoningen met ongeveer de helft te verlagen. Een parallelle actie gericht op de koopsector loopt via het TKI-programma Verbouwstromen.’
Er ontstaat tractie, jij ziet de toekomst positief tegemoet?
‘Zeker. Er zijn echter wel 2,5 jaar verloren gegaan vanwege het ongeluk dat het kabinet-Schoof veroorzaakte. Dat laten we niet zomaar achter ons. Fabrikanten en installateurs die vanuit de afspraken met de overheid rekenden op marktgroei en flink investeerden, kwamen van een koude kermis thuis. Er was sprake van consolidatie, ontslagen en zelfs faillissementen. Dat is allemaal gebeurd en leidt tot een gezond wantrouwen aangaande de ontwikkelingen van nu.’
Jouw verwachtingen voor 2026 zijn?
‘Het installatietempo moet naar 250.000 à 300.000 warmtepompen per jaar vanaf 2030. Ik hoop, maar durf nog niet te verwachten dat we al in 2026 flinke stappen gaan zetten. Het beleid zal eerst concreet moeten worden uitgewerkt. Voorts is de vraag of de markt dit verwelkomt of in de weerstand zal schieten. Veel zal afhangen van de communicatie én het complete plaatje: capaciteitstarieven, ETS2, enzovoorts. Maar er zit wel weer energie in en iedereen staat in de startblokken om weer gas te geven. Dat is ook goed nieuws voor de fysieke en economische veiligheid van Nederland. Warmtepompen dragen bij aan het verminderen van onze energieafhankelijkheid van minder betrouwbare regimes, wat heel belangrijk is gezien de huidige geopolitieke ontwikkelingen. Ook daarom moeten we doorpakken. Dat zeg ik als warmtepompen-voorman, en vooral ook als Europeaan en als grootvader.’
De Solar & Storage Magazine Marktgids 2026 is verschenen. De jaarlijks terugkerende marktgids biedt een totaaloverzicht van de energieopslag- en zonne-energiemarkt en is een bijlage van de december 2025-editie van Solar & Storage Magazine. De marktgids kent dit jaar 14 rubrieken en bovendien zijn in samenwerking met een groot aantal bedrijven en organisaties de belangrijkste ontwikkelingen qua projecten, markt en technieken in kaart gebracht.