logo
© Michael Piepgras | Dreamstime.com
© Michael Piepgras | Dreamstime.com
23 januari 2026

Windmolens en zonnepanelen wekken meer stroom op dan fossiele brandstoffen, belang batterijen groeit

Windmolens en zonnepanelen produceerden afgelopen jaar in de EU voor het eerst meer elektriciteit dan fossiele brandstoffen. Zonne-energie groeide met 20 procent en bereikte een recordproductie van 369 terawattuur.

De Europese energietransitie bereikte in 2025 een kantelpunt. Wind- en zonne-energie leverden in de EU samen 30,1 procent van de elektriciteit, terwijl alle fossiele bronnen gezamenlijk 29,0 procent produceerden. Dat blijkt uit nieuw onderzoek van de Europese klimaatdenktank Ember.

Recordjaar zonne-energie
De sterkste groei kwam in 2025 van zonne-energie. De zonnestroomproductie steeg met 62 terawattuur, een toename van 20,1 procent ten opzichte van 2024. De totale zonnestroomproductie bereikte een niveau van 369 terawattuur, meer dan het dubbele van de output in 2020. Deze groei komt overeen met de jaarlijkse elektriciteitsproductie van 3 Franse kerncentrales. Het geïnstalleerde zonnepaneelvermogen nam met 65,1 gigawattpiek toe in 2025.

In juni 2025 werd zonne-energie voor de eerste keer de grootste elektriciteitsbron van Europa. Het aandeel zonne-energie in de jaarlijkse elektriciteitsproductie steeg naar ruim 13 procent. Hongarije, Cyprus, Griekenland, Spanje en Nederland noteerden zonnestroomaandelen boven 20 procent, meer dan het dubbele van het wereldwijde gemiddelde van 8,8 procent in de eerste jaarhelft van 2025.

Nederland en Kroatië
In 14 van de 27 EU-landen produceerden wind en zon in 2025 meer elektriciteit dan alle fossiele bronnen samen. Nederland en Kroatië bereikten deze mijlpaal voor het eerst.

In Nederland was dit te danken aan een sterke zonnestroomgroei van 31 procent vergeleken met 2024. In Kroatië zorgde de forse groei in zowel zonne-energie als windenergie, met respectievelijk 57 procent en 19 procent, voor de doorbraak.

Hernieuwbaar
Hernieuwbare bronnen leverden in 2025 bijna de helft van de EU-elektriciteit, met een aandeel van 47,7 procent oftewel 1.331 terawattuur. Dit bleef stabiel ten opzichte van 2024, ondanks ongewone weersomstandigheden. Een droog en windarm eerste kwartaal leidde tot lagere windenergie- en waterkrachtproductie, maar werd gecompenseerd door uitzonderlijk veel zonnestroomproductie.

Batterijen worden belangrijk
Batterijen gaan volgens de onderzoekers van Ember een steeds grotere rol spelen in het Europese elektriciteitssysteem. In 2025 overschreed de grootschalige batterijcapaciteit in de EU de 10 gigawatt vermogen, meer dan een verdubbeling ten opzichte van 4 gigawatt in 2023. De pijplijn aan batterijprojecten bereikte recordniveaus in landen als Griekenland, Spanje en Polen. Als alle geplande projecten doorgaan, zou de capaciteit tot 40 gigawatt kunnen groeien, een vertienvoudiging sinds 2023.

In Italië, een van de Europese koplopers met de uitrol van 1,9 gigawatt vermogen aan grootschalige batterijen, leverden energieopslagsystemen in september 2025 gemiddeld 1,1 gigawatt tijdens de vroege avonduren. Dit kwam neer op 3 procent van de vraag in die uren, vergeleken met een fossiel aandeel van 52 procent.

Verlies groene stroom
De Ember-onderzoekers benadrukken dat nu zonnepaneelinstallaties in heel Europa een hoge vlucht nemen, een toenemend gebruik van batterijen ervoor kan zorgen dat zoveel mogelijk zonne-energie ook daadwerkelijk wordt benut.

Batterijen die worden opgeladen met goedkope, overvloedige schone energie – die anders verloren zou gaan – kunnen profiteren van de overvloedige zonne-energieproductie, aangezien periodes van curtailment doorgaans samenvallen met de laagste prijzen, die soms zelfs negatief worden. In 2025 noteerden 7 EU-landen negatieve prijzen in 5 procent of meer van alle uren.

Curtailment beperken
Duitsland beperkte in 2025 bijvoorbeeld ongeveer 3,1 procent van zijn totale zonne-energieproductie, een stijging ten opzichte van 1,9 procent curtailment in 2024, terwijl de maandelijkse beperking van windenergie in 2025 gemiddeld 4,8 procent bleef. In totaal beperkte Duitsland in 2025 naar schatting 9,6 terawattuur aan wind- en zonne-energieproductie, bijna 4 procent van de totale productie van deze brandstoffen.

‘Als de aangekondigde batterijprojecten in Duitsland – gelijk aan 10,5 gigawatt vermogen en 26,3 gigawattuur opslagcapaciteit –  deze anders verspilde productie hadden geabsorbeerd, had een derde van het curtailment in 2025 kunnen worden voorkomen’, rekenen de Ember-onderzoekers voor. ‘Waardoor ongeveer 0,8 miljard euro aan herverdelingskosten van 613 miljoen euro en gasinkoop van 219 miljoen euro zou zijn bespaard. Dit zou de rekeningen van de consument hebben verlicht, aangezien herverdelingskosten via netwerkkosten in de elektriciteitsrekening aan de consument worden doorberekend. Door gebruik te maken van die elektriciteit via batterijen zou de gasproductie over het hele jaar ook met 3,7 procent, zo’n 3 terawattuur, zijn gedaald.’

Deel dit artikel:

Nieuwsbrief

Meld u aan voor de nieuwsbrief met het laatste nieuws!
Ja, ik wil de nieuwsbrief ontvangen en heb de privacy policy gelezen.

Laatste Nieuws

Bekijk al het nieuws

Meest gelezen

Producten