
Zonne-energie is de afgelopen 3 jaar 7 keer sneller gegroeid dan de totale mondiale elektriciteitsproductie. In de eerste helft van 2026 bereikte het aandeel zonne-energie in de wereldwijde stroomproductie een nieuw record: 10 procent, tegen 8,9 procent in de eerste helft van 2025 en 5,6 procent in 2023. Maar ondanks die recordgroei werd volgens Ember vrijwel alle zonnestroom overdag geleverd – ’s avonds namen fossiele brandstoffen het weer over. Vorig jaar leverden wind- en zonne-energie voor het eerst meer stroom dan fossiel.
Record op de middagpiek
Op een gemiddelde dag in de eerste helft van 2026 dekte zonne-energie meer dan een kwart van de mondiale stroomvraag tussen 11.00 en 14.00 uur. Na zonsondergang zakte die bijdrage naar vrijwel nul. In rijpere markten, waar zonne-energie goed is voor meer dan 20 procent van de jaarlijkse productie, piekte het overdag zelfs boven de 50 procent.
Nederland dekte op een gemiddelde dag om 13.00 uur 58 procent van zijn stroomvraag met zonne-energie; Duitsland bereikte 55 procent rond het middaguur. Beide landen leverden ’s avonds echter nagenoeg geen zonnestroom meer. Het patroon gold ook in grotere markten: in India en de Europese Unie (EU) daalde de fossiele opwekking in de middaguren, maar bleef de avondpiek nagenoeg onaangetast.

Batterijen halen fossiel in
Batterijen veranderen dat. De verwachte toevoegingen aan opslagcapaciteit van batterijen bedragen dit jaar 459 gigawattuur – 50 procent meer dan in 2025. In theorie is daarmee 34 procent van de nieuwe dagelijkse zonnestroomproductie naar de avonduren te verschuiven, een stijging van 18 procent ten opzichte van 2025. Dat komt grotendeels doordat de kosten voor lithiumijzerfosfaat-batterijen tussen 2010 en 2025 met 95 procent daalden: van 2.634 naar 140 Amerikaanse dollar per kilowattuur.
‘Batterijen zijn nu goedkoop en goed genoeg om zonne-energie naar de uren buiten zonneschijn te tillen. Door in de uren waarop fossiele brandstoffen nu domineren, zonne-energie te leveren, verandert alles: haar rol in mondiale stroomnetten kan veel groter zijn dan eerder gedacht’, aldus Kostantsa Rangelova, Senior Battery Analyst bij Ember. Afgelopen december stelde Ember al dat energieopslag in batterijen economisch levensvatbaar is geworden.
Koplopers tonen de weg
Bulgarije (77 procent) en Chili (76 procent) installeerden vorig jaar genoeg batterijcapaciteit om meer dan driekwart van hun nieuwe dagelijkse zonnestroomproductie naar de avond te verschuiven. Australië volgde op 60 procent. In Californië dekte zonne-energie aangevuld met batterijen op een gemiddelde avond tussen 19 en 21 uur in de eerste helft van 2026 ruim een kwart van de stroomvraag – in 2023 was dat nog 6,8 procent.
Bulgarije zag de meest spectaculaire verschuiving: in de eerste helft van 2023 was zonnestroom er ’s avonds nauwelijks zichtbaar; in 2026 dekte zonne-energie plus opslag gemiddeld 24 procent van de avondvraag. De analisten van Ember concluderen dat het tijdperk van zonne-energie op elk moment van de dag definitief is begonnen.
De juni 2026-editie van Solar & Storage Magazine is uit. Dit nummer staat in het teken van de NEN1010:2020 die in de wet vastgelegd wordt, zonnepanelen op huurwoningen en de druk op het Vlaamse stroomnet.