
Hoe is PV Works ontstaan?
Zeman: ‘Ik kwam eind 1989 vanuit Slowakije naar Delft, voor een postdoc-positie van een half jaar. Dat werden 36 jaar. Vanaf het begin hield ik me bezig met zonne-energie en zonnecellen, en ontwikkelde onder meer software om de prestaties van zonnecellen te berekenen. Op een gegeven moment realiseerden we ons dat het, naast onderzoek, ook commercieel gebruikt kon worden. Daarom richtte ik eind 2020 samen met mijn collega Olindo Isabella en Delft Enterprises dit bedrijf op.’
Wat was het idee?
Zeman: ‘Er was destijds een hausse in zonnepaneelinstallaties in Nederland. Onze software kon helpen daar het maximale uit te halen. We begonnen als adviesbureau dat particulieren en gemeentes ondersteunde bij de realisatie van installaties. Een grote stap was een project met het Amsterdam Institute for Advanced Metropolitan Solutions (AMS Institute), over hoe je pv optimaal installeert in delen van de stad.’
Wat maakt jullie technologie anders dan bestaande tools?
Zeman: ‘We werken met 3 pijlers. De eerste is multischaal modellering: 30 jaar softwareontwikkeling bij TU Delft waarmee we het zonnepotentieel van daken en gevels nauwkeurig berekenen. Die passen we ook toe in het EU-project Simply Positive, gericht op het creëren van positive energy districts in Nederland, Italië, Roemenië en Oostenrijk. Daarnaast hebben we onze eigen, proprietary software.’
Dat is?
Zeman: ‘Toen we met investeerders spraken, was hun eerste vraag steeds: wat is jullie product? Zeggen dat we met modellen van TU Delft werken, bleek niet genoeg. Daarom ontwikkelden we een eigen legplantool, onze tweede pijler, die in één keer op beschikbare daken panelen plaatst en tegelijk de mogelijkheden en opbrengst berekent, voor gebouwen, buurten, wijken… Onze derde pijler is de impact op het elektriciteitsnet in beeld brengen: wat betekent die zonne-elektriciteit voor de congestie in een wijk?’
Hoe uniek is die combinatie?
Verkou: ‘Ik ken geen ander bedrijf dat dit allemaal biedt. We werken bovendien niet met aannames, maar met echte fysische modellen. Ook eisen van een gemeente over de plaatsing van zonnepanelen – afstanden tot de rand, tussen pv-modules – hebben we in de software verwerkt. Voor Amsterdam maakten we zo ook zichtbaarheidsanalyses. In het centrum van de stad mag je onder de Omgevingswet vaak vergunningsvrij zonnepanelen leggen als ze niet zichtbaar zijn vanaf de straat. Toen Amsterdam in november vorig jaar, na maanden van stilte, terugkwam met een hele stapel vergunningsaanvragen, konden we daar direct mee aan de slag omdat de data er al lagen.’
Wat is jullie primaire doelgroep?
Verkou: ‘Vooral gemeentes die moeite hebben om hun duurzaamheidsdoelen te verwezenlijken. Onze expertise ligt bij zonnepanelen, specifiek bij daken en gevels die nog onbenut zijn. Wij kunnen vooraf al aangeven welke een gemeente zou moeten benutten, zodat ze dat bij bewoners onder de aandacht brengen en het proces versnellen. Het was altijd lastig om de kracht van die data over te brengen. Bij Amsterdam geloven ze er nu echt in: ze denken hiermee hun implementatiedoelen een stuk beter te kunnen halen. Onze software kan ook andere belanghebbenden van dienst zijn, omdat we het nationale pv-potentieel van binnenwateren of zonnepanelen in combinatie met landbouw in kaart kunnen brengen.’
Wat was de grootste horde als spin-off van een universiteit?
Zeman: ‘Eerlijk gezegd ben ik zelf verbaasd dat het bedrijf nog bestaat. De pv-branche zit in een roerige tijd. In de 6 jaar dat we bestaan, moesten we het met 2 werknemers doen om het financieel vol te houden. Nu is Maarten aandeelhouder geworden.’
Verkou: ‘De zonnepaneelmarkt kreeg een klap met het verdwijnen van de salderingsregeling. Mensen werden bang om ze te plaatsen. PV Works leek langzaam weg te ebben. Jammer, want er zat veel werk in en onze technologie is prachtig. Die vergunningsaanvragen van Amsterdam waren een positief keerpunt.’
En die legplantool, jullie product, waar staat die nu?
Verkou: ‘Die leefde jarenlang alleen op mijn eigen computer. Voor een nieuw gebied in Amsterdam bouwde ik de data zelf op met Python-scripts, met een eigen user interface – maar niets waar anderen zelf in konden kijken. Het was een kwestie van vertrouwen: dat de meetgegevens die ik over de jaren had meegenomen, klopten. Nu bouwen we aan een webgebaseerde versie waar gebruikers zelf een gebied selecteren en met parameters kunnen spelen. Voor Amsterdam lever ik de data nog altijd vooraf aan, maar zij kunnen er al direct mee werken en zelf kaarten maken. Daarmee is meer dan de helft van het werk af. De vertaalslag naar de gebruiker is nu de focus, en die komt dit jaar nog.’
Waar willen jullie over 5 jaar staan?
Verkou: ‘Als we voor Amsterdam een product neerzetten dat direct toepasbaar is voor heel Nederland – de data zijn er al – kunnen alle gemeentes daar gebruik van maken. Hebben we een paar grote klanten, dan hebben we ook budget om uit te breiden naar de Benelux, en daarna Duitsland bijvoorbeeld. We zien onszelf bovendien als energie-intelligent bedrijf. Ons eindbeeld is een digitaal model waarop een gemeente ziet wat het zonnepotentieel en de impact op het elektriciteitsnet is, maar ook waar bijvoorbeeld batterijen en laadinfra kunnen komen om congestie op te vangen.’
Daarvoor is groeikapitaal nodig…
Zeman: ‘Het zou ons enorm helpen als we investeerders vinden om dat verder te ontwikkelen. Zonder hen blijven we afhankelijk van kleinere projectbudgetten, en ontwikkelen we de software langzamer. Desondanks nemen we deel aan nationale en internationale projecten die gesubsidieerd worden en daarom een belangrijke bron van inkomsten voor ons vormen. Bijvoorbeeld innovatieprojecten met fabrikanten die nieuwe soorten zonnecellen ontwikkelen, zoals flexibele of kleurrijke cellen. Onze simulaties helpen bij rendementsverbetering van hun zonnecelproducten. Zo hebben we een contract van 3Sun gekregen, de grootste zonnecelproducent van Europa.’
De juni 2026-editie van Solar & Storage Magazine is uit. Dit nummer staat in het teken van de NEN1010:2020 die in de wet vastgelegd wordt, zonnepanelen op huurwoningen en de druk op het Vlaamse stroomnet.