
Wetterskip Fryslân verleende in december 2023 een watervergunning voor de aanleg en exploitatie van een drijvend zonnepark op een zandwinplas nabij bedrijventerrein Skulenboarch in Eastermar.
18 maanden
In de vergunning stond als voorwaarde dat deze vervalt als niet binnen 18 maanden met de werkzaamheden zou worden gestart. Afgelopen december wijzigde het waterschap deze voorwaarde met terugwerkende kracht. Het zonnepark moet nu in zijn geheel voor 19 juli 2027 zijn aangelegd.
De omwoonster maakte bezwaar tegen deze wijziging. Het dagelijks bestuur van Wetterskip Fryslân verklaarde het bezwaar afgelopen maart niet-ontvankelijk omdat de brief van afgelopen december volgens het waterschap geen besluit was.
Wel een besluit
De voorzieningenrechter oordeelde dat de brief van afgelopen december wel degelijk een besluit is. Die brief is namelijk gericht op rechtsgevolg, aldus de rechter. Het rechtsgevolg is dat de oorspronkelijke voorwaarde niet langer geldt en in plaats daarvan de nieuwe voorwaarde uit de brief van afgelopen december van kracht is. Het dagelijks bestuur had het bezwaarschrift daarom in behandeling moeten nemen.
Geen belanghebbende
De omwoonster woont op circa 600 meter van de zandwinplas en het zonnepark. Vanaf haar perceel heeft zij daarop geen zicht. Tussen haar perceel en de zandwinplas liggen wegen, bebouwing en bosschages. Zij ondervindt als bewoner volgens de rechter daarom niet rechtstreekse gevolgen van het zonnepark.
De vrouw stelde ook belang te ontlenen aan haar hoedanigheid als maat in een maatschap met haar partner. De maatschap is eigenaar van gronden op ongeveer 1,7 kilometer van een gemaal waarmee water uit de zandwinplas wordt gepompt. Dat water stroomt volgens de vrouw langs het perceel waar de schapen van de maatschap grazen.
Partner andere mening
De rechter oordeelde dat dit de vrouw geen belanghebbende maakt. De gevolgen van het feit dat water uit de zandwinplas 1,7 kilometer verderop, en vermengd met ander water, langs een perceel van de maatschap stroomt, zijn dermate gering dat zij daarvan geen gevolgen van enige betekenis ondervindt. Bovendien onderscheidt zij zich niet van eigenaren van alle andere percelen waarlangs water uit de zandwinplas stroomt of kan stromen.
Tijdens de zitting lichtte de vrouw toe dat zij en haar partner verschillend denken over het zonnepark. Haar partner heeft met de vergunninghouder overeenkomsten gesloten over het tegen vergoeding leggen en liggen van kabels en leidingen voor het zonnepark in gronden die de partner of de maatschap gebruikt. Kennelijk lopen de belangen binnen de maatschap uiteen, reden waarom aannemelijk is dat de vrouw niet heeft beoogd om namens de maatschap bezwaar te maken, aldus de rechter.
Beroep gegrond, rechtsgevolgen in stand
De rechter verklaarde het beroep van de vrouw gegrond en vernietigde het bestreden besluit van het waterschap om het bezwaar van de vrouw afgelopen maart ongegrond verklaren. De rechter liet de rechtsgevolgen van dat besluit echter wel in stand. Het dagelijks bestuur van het waterschap moet de proceskosten van 1.868 euro en het griffierecht van 400 euro vergoeden.
De mei 2026-editie van Solar & Storage Magazine is uit. Het tijdschrift kent artikelen over Intersolar Europe, dubbele energiebelasting bij thuisbatterijen, recycling van batterijen en het Nationaal EMS Programma.