
Tegelijkertijd zijn er belangrijke aandachtspunten, zowel voor leveranciers als gebouweigenaren. ‘De Vlaamse overheid heeft ambitieuze doelen gesteld. Die moeten worden waargemaakt, maar wel op een optimale wijze, zowel wat betreft het zelfverbruik van hernieuwbare energie als financieel, ook met het oog op de toekomst.’
Handhaving
Een EPC NR is een officieel document dat aangeeft hoe energiezuinig een niet-residentieel gebouw is en waar er verbeterpunten liggen. Naast een inventaris van de schildelen en technieken hanteert het de verhouding zelf opgewekte hernieuwbare energie ten opzichte van het totale energieverbruik voor de berekening van het label. Label E bijvoorbeeld, betekent minstens 5 procent ter plaatse opgewekte energie. In de meeste gevallen gebeurt dat via zonnepanelen of warmtepompen.
De Vlaamse regering stelt de opmaak van een EPC verplicht voor steeds meer gebouwen met niet-residentiële bestemming zoals publieke en overheidsgebouwen, kantoren, baanwinkels, shoppingcentra, hotels en sportcentra, en ook kantoren in industriële gebouwen, afhankelijk van hun oppervlakte. ‘Sinds 1 januari 2026 moeten ook eigenaren van kleinere panden, bijvoorbeeld van kmo’s, restaurants en winkels, over een EPC NR of een EPC klein Niet Residentieel (EPC kNR) beschikken’, vertelt Grutman. ‘Het gaat dus inmiddels om een zeer brede verplichting. En is daar geen invulling aan gegeven, dan volgt handhaving, met de kans op boetes van 500 tot 5.000 euro.’
Adaptatie
Grutman noemt de EPC-verplichting zoals uitgewerkt door het Vlaams Energie- en Klimaatagentschap (VEKA) logisch. Deze past naadloos in de weg naar zero-emissie in 2050 en het aanpalende EU-beleid aangaande de verduurzaming van gebouwen. Bovendien leiden de adviezen op basis van het EPC NR in de meeste gevallen tot energetische besparingen voor de gebouweigenaar. Tegelijkertijd spreekt hij van een forse ambitie van de Vlaamse overheid. Dat wordt ook gereflecteerd door de adaptatie van deze wetgeving en de opvolging.
Afwachtende houding
Grutman: ‘Zo is er een grote groep die nog niet over een EPC NR beschikt, naar schatting zo’n 50 procent van de doelgroep. Niet iedereen blijkt op de hoogte en anderen nemen voorlopig nog een afwachtende houding aan. Amper 10 procent van wie wel al over zo’n certificaat beschikt, haalt het minimale label E, dat tegen 2030 verplicht is. Voor een groot deel van de publieke en overheidsgebouwen geldt deze verplichting al tegen 2028. Dat betekent dat 90 procent tegen die tijd moet investeren in zonnepanelen, batterijen, warmtepompen en/of meters. Op basis van de cijfers die te raadplegen zijn via de energiekaart Vlaanderen, gaat het om zo’n 30.000 gebouwen.’
Lees het volledige artikel hieronder in de maart 2026-editie van Solar & Storage Magazine.
De maart 2026-editie van Solar & Storage Magazine is verschenen. Het tijdschrift bevat artikelen over de vakbeurs Solar Solutions Amsterdam, stekkerbatterijen, zonnepaneelbeleid bij woningcorporaties en onderhoud van zonnepanelen.